Aftrekposten voor startende zzp'ers 2026: wat mag wel en wat niet
Aftrekposten zijn het onderdeel van je administratie waar starters geld laten liggen. In twee richtingen tegelijk.
Sommigen voeren te weinig op, uit angst iets fout te doen. Anderen voeren te veel op, omdat een kennis zei dat “alles zakelijk kan”. Het eerste kost je geld. Het tweede kost je geld én slaap.
Dit artikel zet het systeem op een rij. Welke twee soorten aftrek er zijn, wat de bedragen voor 2026 zijn, waar de grijze gebieden zitten en hoe je zorgt dat je niets vergeet.
Bedragen en voorwaarden veranderen per jaar. Controleer ze op belastingdienst.nl.
Gratis: de BTW-kwartaalchecklist
Eén A4 met exact wat je klaarlegt en invult bij je btw-aangifte. Laat je e-mailadres achter en hij ligt in je inbox. Geen spam, afmelden kan altijd.
Twee soorten aftrek: dit is het verschil
Wat mensen “aftrekposten” noemen, zijn eigenlijk twee heel verschillende dingen.
1. Zakelijke kosten. Uitgaven die je doet voor je bedrijf. Je laptop, je software, je verzekering. Deze verlagen je winst.
2. Ondernemersregelingen. Vaste bedragen die je van je winst mag aftrekken als je aan bepaalde voorwaarden voldoet. De Belastingdienst noemt dit de ondernemersaftrek.
Het verschil is belangrijk, want de voorwaarden verschillen.
Zakelijke kosten aftrekken mag altijd, als de kosten maar echt zakelijk zijn. Er hangt geen urennorm aan.
De belangrijkste ondernemersregelingen zijn wél gekoppeld aan het urencriterium: je moet minimaal 1.225 uur per jaar aan je onderneming besteden.
De drie regelingen die er voor starters toe doen
1. Zelfstandigenaftrek: € 1.200 (2026)
Dit is een vast bedrag dat je van je winst mag aftrekken als je ondernemer bent voor de inkomstenbelasting en aan het urencriterium voldoet.
In 2026 is dat € 1.200. Dat is fors lager dan voorgaande jaren: in 2025 was het nog € 2.470 en in 2024 € 3.750. De regeling wordt stapsgewijs afgebouwd.
Ben je aan het begin van het jaar al AOW-gerechtigd? Dan geldt de helft van het bedrag.
Is je winst te laag om de hele zelfstandigenaftrek te gebruiken? Dan mag je het niet-gebruikte deel in de volgende negen jaar alsnog verrekenen.
2. Startersaftrek: € 2.123 extra (2026)
De startersaftrek is geen losse aftrekpost, maar een verhoging van de zelfstandigenaftrek. In 2026 bedraagt die verhoging € 2.123.
Heb je recht op beide? Dan trek je in 2026 dus € 1.200 + € 2.123 = € 3.323 van je winst af.
Je komt in aanmerking als je aan de zelfstandigenaftrek voldoet én:
- je was in minstens één van de vijf voorgaande kalenderjaren geen ondernemer, en
- je hebt in die periode niet meer dan twee keer de zelfstandigenaftrek toegepast
Je mag de startersaftrek maximaal drie keer toepassen in de eerste vijf jaar van je onderneming.
Goed om te weten: heb je recht op startersaftrek, dan geldt de beperking dat de zelfstandigenaftrek nooit hoger mag zijn dan je winst vóór ondernemersaftrek níet. Starters mogen het volledige bedrag toepassen, ook bij een lage winst.
3. Mkb-winstvrijstelling: 12,7% (2026)
Dit is het best bewaarde geheim van de drie, en de enige waarvoor je géén urennorm hoeft te halen.
De mkb-winstvrijstelling stelt 12,7% van je winst vrij van inkomstenbelasting. Je berekent het over je winst ná de ondernemersaftrek.
Je hoeft er niets voor aan te vragen. De Belastingdienst verwerkt de vrijstelling automatisch in je aangifte inkomstenbelasting.
En het belangrijkste: er geldt geen urencriterium. Werk je parttime als ondernemer naast een baan? Dan krijg je de mkb-winstvrijstelling gewoon, ook als je de 1.225 uur niet haalt.
Zo stapelen ze op
Stel: je winst is € 40.000 en je bent starter die aan het urencriterium voldoet.
| Stap | Bedrag |
|---|---|
| Winst | € 40.000 |
| - zelfstandigenaftrek | € 1.200 |
| - startersaftrek | € 2.123 |
| Winst na ondernemersaftrek | € 36.677 |
| - mkb-winstvrijstelling (12,7%) | € 4.658 |
| Belastbare winst | € 32.019 |
Je betaalt dus belasting over € 32.019 in plaats van over € 40.000.
Meer over het urencriterium en hoe je dat aantoonbaar bijhoudt: Urencriterium bijhouden: zo houd je 1.225 uur aantoonbaar bij
Zakelijke kosten: de hoofdregel
De kern is simpel: kosten die je maakt voor je onderneming zijn aftrekbaar.
Denk aan:
- Laptop, telefoon, apparatuur
- Software en abonnementen
- Vakliteratuur en cursussen binnen je vakgebied
- Verzekeringen (beroepsaansprakelijkheid, arbeidsongeschiktheid)
- Zakelijke reiskosten
- De kosten van je administratie zelf
- Marketing, website, visitekaartjes
De kosten moeten wel in redelijke verhouding staan tot je onderneming. Een laptop van € 1.500 voor een ontwerper is normaal. Een auto van € 90.000 bij een omzet van € 25.000 roept vragen op.
Verwar kostenaftrek niet met btw-teruggaaf. De btw op zakelijke kosten vraag je terug via je btw-aangifte (dat heet voorbelasting). De kosten zélf verlagen je winst voor de inkomstenbelasting. Dat zijn twee aparte dingen, met eigen regels.
Lees ook: Btw-aangifte zelf doen als zzp’er: stap voor stap
De grijze gebieden
Drie categorieën waar starters het vaakst mee worstelen.
De auto
Er zijn twee routes, en de keuze heeft jarenlang gevolgen.
Route 1: privéauto, zakelijk gebruiken. Rijd je zakelijke kilometers met je eigen auto, motor of fiets? Dan mag je in 2026 € 0,25 per zakelijke kilometer van je winst aftrekken. (In 2025 was dat nog € 0,23.)
Let op: dat bedrag is alles-in. Je mag brandstof, verzekering, onderhoud, parkeren en tol dan niet apart aftrekken.
Woon-werkverkeer telt voor ondernemers ook als zakelijke kilometers.
Wel bijhouden: een kilometerregistratie met datum, bestemming en aantal kilometers.
Route 2: auto op de zaak. Dan zijn alle autokosten aftrekbaar, maar krijg je te maken met een bijtelling voor privégebruik. Dat kan flink oplopen.
Reken beide varianten door voordat je kiest. Bij weinig zakelijke kilometers is route 1 vrijwel altijd gunstiger.
De werkplek thuis
Dit is de aftrekpost waar de meeste starters op stuklopen.
De ruimte zelf is meestal niet aftrekbaar. De Belastingdienst stelt strenge eisen aan een zogeheten zelfstandige werkruimte: die moet zo duidelijk afgescheiden zijn dat je ’m apart zou kunnen verhuren. Denk aan een eigen ingang en eigen sanitair.
Een logeerkamer met een bureau erin voldoet daar niet aan. De keukentafel al helemaal niet.
De spullen erin zijn wél gewoon aftrekbaar. Je bureau, je stoel, je monitor, je lamp: dat zijn bedrijfsmiddelen, los van de vraag of de ruimte kwalificeert.
Huur je een externe werkplek of flexplek? Dan zijn die kosten volledig aftrekbaar, zonder gedoe.
Telefoon en internet
Gebruik je je telefoon zowel zakelijk als privé? Dan mag je alleen het zakelijke deel aftrekken.
Let op: bij een privéabonnement thuis is de aftrek van het abonnement zelf beperkt of niet mogelijk. Zakelijke gesprekskosten zijn dat wel.
De praktische aanpak: neem een apart zakelijk abonnement. Dan is de verdeling geen discussie meer.
Wat níet of maar deels mag
Een paar categorieën zijn uitgesloten of beperkt:
- Boetes. Verkeersboetes en fiscale boetes zijn nooit aftrekbaar.
- Eten, drinken en representatie. Zakelijke etentjes, recepties en relatiegeschenken zijn 80% aftrekbaar van je winst. Als alternatief mag je alles aftrekken boven een drempel van € 5.900 (2026), maar daar komen weinig zzp’ers aan.
- Algemene kleding. Een net pak dat je ook privé kunt dragen is niet aftrekbaar. Echte werkkleding met een bedrijfslogo van minimaal 70 cm² wel.
- Persoonlijke verzorging. Kapper, sportschool, brillen: privé.
- Algemene literatuur. Een krantenabonnement of een roman is niet aftrekbaar. Vakliteratuur wel.
Voer je iets uit deze hoek toch op, dan is dat precies het soort post dat bij een controle opvalt.
Het systeem om niets te missen
Aftrekposten mis je niet op het moment van de aangifte. Je mist ze in de maanden ervoor.
Het bonnetje dat wegraakt. De betaling die tussen je privé-uitgaven verdwijnt. De cursus die je met je persoonlijke rekening betaalde.
De oplossing is geen beter geheugen, maar een ritme:
- Elke uitgave direct in één kostenoverzicht. Datum, leverancier, omschrijving, bedrag, btw.
- Bon meteen fotograferen en in de map zetten. Niet “straks”.
- Elk kwartaal vijf minuten controleren of je bankafschrift en je overzicht overeenkomen.
Dat is het. Wie dit volhoudt, mist geen aftrekposten meer.
Lees ook: Zzp-administratie zelf opzetten: klaar in één middag
De 4 fouten die starters het vaakst maken
- Kosten van vóór de inschrijving weggooien. Kosten die je maakte toen je je oriënteerde op je bedrijf kunnen aftrekbaar zijn. Bewaar die bonnen.
- De mkb-winstvrijstelling niet kennen. Die krijg je automatisch, ook zonder urencriterium. Veel parttime ondernemers denken onterecht dat ze niets krijgen.
- Alles op één hoop gooien. Privé en zakelijk door elkaar op één rekening maakt je administratie oncontroleerbaar.
- De startersaftrek “bewaren” voor een beter jaar. Dat mag niet. Heb je er recht op, dan pas je ’m toe.
Veelgestelde vragen
Moet ik aan het urencriterium voldoen om kosten af te trekken? Nee. Zakelijke kosten aftrekken staat los van het urencriterium. Alleen de zelfstandigenaftrek en startersaftrek zijn eraan gekoppeld.
Krijg ik de mkb-winstvrijstelling als ik parttime onderneem? Ja. Voor de mkb-winstvrijstelling geldt geen urennorm. Je krijgt 12,7% vrijstelling als je ondernemer bent voor de inkomstenbelasting, ongeacht je uren.
Hoe vaak mag ik de startersaftrek gebruiken? Maximaal drie keer in de eerste vijf jaar van je onderneming.
Zijn kosten van vóór mijn KVK-inschrijving aftrekbaar? Vaak wel. De Belastingdienst adviseert bewijzen van kosten en uren van vóór je aanmelding te bewaren.
Is mijn thuiswerkplek aftrekbaar? De ruimte meestal niet, tenzij die als zelfstandige werkruimte kwalificeert (eigen ingang, eigen sanitair). De inrichting en apparatuur zijn wel gewoon aftrekbaar.
Wat is het verschil tussen aftrekbaar voor de btw en aftrekbaar voor de winst? Twee aparte systemen. Btw vraag je terug via je btw-aangifte. Kosten trek je af van je winst voor de inkomstenbelasting. Iets kan aftrekbaar zijn voor het één en niet voor het ander: horeca-uitgaven bijvoorbeeld zijn voor 80% aftrekbaar van je winst, maar de btw erop is helemaal niet aftrekbaar.
Dit artikel geeft het systeem en de vragen, geen persoonlijk belastingadvies. Twijfel je over een specifieke post? Leg die voor aan een boekhouder of fiscalist.